aaeefee-ii

aaeefee-iiZoals ik al menig maal heb benadrukt behoort koken niet tot mijn hobby`s en al helemaal niet tot mijn talenten.
Wanneer ik dan ook mijn tosti laat aanbranden en mijn huis zich vult met blauwe dampen, is voor mij de maat vol en ga ik buiten de deur eten.
Ik besluit te gaan wokken, want het is gezond, althans dat beweert de wokboer zelf.
Met handen en voeten probeer ik de wokboer duidelijk te maken wat ik wil eten, want communicatieproblemen zijn typerend voor dit soort eet gelegengheden. Het helpt ook niet dat ik nog steeds het verschil tussen bami, nasi en noodles niet weet.
Het afroepen van de nummers gaat ook niet vlekkeloos:
-> aaeefee-ii……
[niemand reageert]
-> aaeefee-ii……
aaeefee-ii !! ….
-> aaeefee-ii ?
aaeefee-ii !
ee maauluh (hetgeen gezien de context waarschijnlijk door moet gaan voor ‘eet smakelijk’)
Ik krijg een klein vierkant kartonnen doosje in mijn handen gedrukt, waarvan de 4 flappen (om het doosje dicht te vouwen) onder de smurrie zitten en je altijd smerige handen krijgt als je richting het voedsel beweegt.
Het vierkante doosje is gevuld met vette, glibberige wormen, waar zoveel olie uit druipt dat ik bijna BP wilde bellen over het dichten van een olielek. De wokboer beweert echter dat het noodles zijn.
En dan begint de strijd die vergelijkbaar is met het verorberen van Bossche Bollen.
Voor het gemak krijgt je stokjes om mee te eten, die wat weg hebben van breinaalden.
Je wordt schijnbaar geacht de wormen naar binnen te breien: insteken, omslaan en doorhalen.
Voor de motorisch gestoorden onder ons (ik reken mezelf voor het gemak ook even tot die groep) zijn er zijn plastic vorken en lepels beschikbaar.
Het ontbreken van een mes is cruciaal om je prakkie hapklare brokken te verdelen, vooral de grote stukken kip.
Het gebied rond mijn mond zit dan ook al snel onder de gele vette smurrie. Servetten bieden uitkomst. (Zou daar het woord ‘serVET’ ook vandaan komen ???)
Na prikken, breien, wrikken en bikken, keer ik met een volle maag huiswaarts.
Van FASTfood kan toch een sprake zijn als het allemaal zo moeizaam gaat ?

[gecensureerd]

[gecensureerd]Ten eerste even een waarschuwing vooraf.
De onderstaande tekst is niet voor mensen met een zwakke maag. Indien u hier last van heeft, kan ik het afraden om verder te lezen.
Gezien ik vermoed dat de waarschuwing-vooraf een averechts effect heeft, zult u deze tekst gewoon doorlezen, om voor u zelf te kunnen bepalen of dat u inderdaad een zwakke maag heeft.
Ik bedien me eigenlijk liever niet van dit soort teksten, maar aangezien ik toch alle mogelijke onderwerpen eens wil onderzoeken om te kunnen peilen wat hierop de reacties zullen zijn, begeef ik me voor de verandering eens op de glibberige paden (letterlijk).
Ondanks ik nog niets in het bijzonder heb meegedeeld in de eerste alinea blijft u toch verder lezen, uw nieuwsgierigheid overwint, want hoe langer ik de desbewuste tekst uit stel, hoe nieuwsgieriger u wordt.
Het feit dat u toch verder leest vindt zijn oorsprong in het sensatiebeluste, hetgeen verweven is in de menselijke genen.
Heeft u er wel eens bij stilgestaan, dat wanneer de climax uitgesteld wordt, dat u hogere verwachtingen krijgt van hetgeen er komen gaat ?
Coherent hieraan is, dat de teleurstelling des te groter zal zijn indien de climax tegen valt.
Het is een beproefde techniek waar schrijvers zich vaak van bedienen om hun huid duur te kunnen verkopen, hetgeen niet alleen geldt voor romans, maar ook columns of films.
Goede spanningsopbouw is belangrijk omdat hiermee de kwaliteit van de schrijver bepaald.
Ik weet dat u nu inmiddels een beetje uw interesse aan het verliezen bent en ernstig gaat vermoeden dat bij het naderen van de laatste regels van dit uitvoerig betoog de clou wellicht eens uit zou kunnen blijven.
En inderdaad de clou blijft uit. Ziet u wat een teleurstelling dat dit is, hetgeen mij een slechte schrijver maakt …… of een goede.
(zat er toch nog een clou in …. ).

Carpe diem

Carpe diemIk ga regelmatig een eindje lopen, ook met deze hitte.
Ik loop het dijkje af naar de waterrand om even uit te rusten van het eind dat ik er al op heb zitten.
Ik zou graag het water in duiken, maar ik heb handdoek noch zwemkleding bij me.
Het water is aangenaam warm, maar skinny dipping is me toch iets te veel van het goede.
Ik heb door schade en schande geleerd impulsen over te smeren met gezond verstand wanneer de impuls onverwachts aan mijn deur komt kloppen.
Toch voel ik me steeds meer geneigd voor mezelf op te komen en me af te zetten tegen het dogma van anderen.
Als ik morgen onder een bus kom, voor de hemelpoort sta, en God vraagt mij waarom ik mezelf datgene ontzegd heb waar ik toen zo’n zin in had (zwemmen), zou ik daar geen fatsoenlijk antwoord op weten. “Omdat ik niet durfde” vind ik dan een behoorlijk schraal excuus.
Ik geloof dat er meer is dan dit aardse leven, en het leven hier op aarde (in deze frequentie) maar een (klein) onderdeel is van het grote geheel.
Ik dacht “als dit de laatste dag zou zijn dat ik leef, zou ik het dan gedaan hebben ?”, mijn antwoord: volmondig “Ja!”
Ik besloot het leven te omarmen, heb mijn broek uit getrokken en ben het water in gesprongen.
Eenmaal op de kant had ik een heerlijk voldaan gevoel. Niet in de eerste plaats vanwege de verkoelende duik dan wel omdat ik iets gedaan had wat ik eigenlijk niet durfde.
Zo voelt voelt dus vrijheid, het stinkt alleen een beetje.