Broertje

BroertjeHet is een houten wagen. Hij mist de bestuurder en een voorlamp. We speelden altijd met de wagen. Het was zo’n beetje ons lievelings speelgoed. Het paste overal bij. Bij kastelen die we van blokken bouwden, als auto in de straten op de schuimrubber stratenmatten, maar ook met auto’s racen.
Het is echt zo’n ding van vroeger, want tegenwoordig worden dit soort dingen van plastic gemaakt.
Ik weet eigenlijk niet waar het stuk speelgoed vandaan kwam. Het zou me niet verbazen als het van een van onze ouders geweest was en als erfstuk naar ons doorgeschoven was.
Het was een ouderwetse wagen van degelijk verlijmd hard hout. Hij leek een beetje op een T-Ford.
Alles was van hout eigenlijk, de assen, de bestuurder en de wielen.
Het ding heeft veel te voortduren gehad. Zeker met ons, aangezien we eigenlijk niet zo goed door een deur konden.
Tot op het laatste moment hebben we niet goed door een deur gekund.
Eigenlijk was het altijd alleen maar ruzie, voortdurend ruzie.
We sloegen elkaar de hersens in om het minste en geringste.
Ook om de auto.
De houten ouderwetse auto, die een bestuurder mist en een koplamp.
Waar zijn beiden eigenlijk gebleven ? Hebben ze onze ruzies niet overleefd ?
De bestuurder zat los dat is altijd zo geweest, maar de koplamp kan ik me niets van herinneren.
Ik heb de auto vast. Ik speel speels met de wielen of ik ‘m ieder moment kan inzetten om weer door de straten te racen of als vervoersmiddel tussen 2 houten blokkenkastelen.
Ik bekijk de onderkant en zie dat deze slecht verlijmd is. Er zit een vlek op en een van de wielen draait niet goed.
Ik zie ook direct waar dat door komt. Er zit een wollen draad tussen de as, die er met geen mogelijkheid tussenuit te peuteren is.
De tijd en onze ruzies hebben hun tol geëisd van de wagen. De aanhechtingsplaatsen laten los waardoor deze grote kieren vertonen met een kraag van lijm
Door de gespleten verbindingen kun je de houten duvels zien zitten. Degelijk spul, een plastic auto had dit niet overleefd. Als kind zijnde kon ik zowat staan op de auto.
Ik zou de auto niet meer aan mijn kind durven voeren.
De gespleten verbindingen hebben splinters gemaakt, waaraan hij zich flink zou kunnen bezeren. Zoiets doe je je kind niet aan.
Nu kan het niet meer, ruzie maken.
De gedachte aan de tijd samen maakt me weemoedig en vecht tegen een nat gezicht.
Hij is weg voor altijd en komt nooit meer terug.
De ruzies zijn weg en komen nooit meer terug.
De auto is een herinnering aan hoe het vroeger was. De tijden dat we samen speelden op de straatmat.
Files veroorzaakten omdat de auto pech had en de rest van de auto’s moesten wachten totdat de wegenwacht het probleem had opgelost.
Het was een keukenmes.
Hij had het er zelf naar gemaakt, het was eigenlijk heel eenvoudig.